Archief voor de categorie 'nederlandsch'

Zijn eerste woordje

*Pas op!  Vrij ingewikkeld om op een weekenddag te lezen*

Al die mijlpalen, er valt veel over te zeggen. Wat is ‘zijn eerste…’? Is dat als hij iets voor de eerste keer doet (wat vaak een toevalstreffer is) of wanneer hij iets kàn (maar dan heeft hij het vaak al een heleboel keren gedaan).

Over zich zelfstandig rechttrekken, daar bestaat geen twijfel over. De eerste keer is de eerste keer. En dat deed hij dinsdag of zo.

Maar zijn eerste woordje. Dat is iets anders. Want wat is een woord. Ik zou zeggen dat een woord een uitspraak is die gebruikt wordt om iets bepaald uit te drukken. En dat kunnen die kleine mannen al rap hoor. Léon zegt ‘mama’ als hij ontevreden is. Ik hoor dat, ik begrijp met dat woord ook wat hij bedoelt, en toch is dat niet zijn eerste woordje. Want ‘mama’ betekent in onze taal gewoon niet: ‘ pas op, ik ben ambetant’. Ik denk dat  een ‘eerste woordje’  in de dikke Van Dale  moet staan om een eerste woordje te zijn.

 Ingewikkeld hé.

Maar nu denk ik dat hij gisteren wél zijn eerste woordje zei. Hij viel op zijn poep en zei ” aboem!”. Ik zei: ” dat kan toch geen toeval zijn!”. En de teergeliefde zei: ” dat kan toch niet bewust zijn!”. Maar vanmorgen gebeurde het weer. Dus mijn redenering is dat als zijn tweede woordje hetzelfde is als zijn eerste woordje, dan is zijn eerste woordje zijn eerste woordje toch zeker!

En nu maak ik mij een beetje zorgen. Marie’s eerste woordje was ‘dada’. En wat ze vandaag de dag het liefst van al doet is weglopen. Wat moet ik dan verwachten bij Léon? ‘Aboem’. Hij gaat toch niet in het leger gaan? Of nog erger, gewapende overvallen plegen? Of is het zo erg niet. Zal ik er gewoon continu mee op spoed zitten, val na val.

Of misschien was ook dàt zijn eerste woordje niet?

Nachtelijke heldere momenten

Gisteravond, toen ik eigenlijk al had moeten liggen slapen, lag ik dus niet te slapen. Wat voor u waarschijnlijk geen verrassing is, want anders had ik wel èrg weinig te vertellen gehad natuurlijk. Ik lag te denken aan die vrienden die ik gebeld had en waar ik het antwoordapparaat van aan de lijn had. Ik hou niet zo erg van antwoordapparaten, niet omdat ik er niet graag in praat, maar wel omdat ik altijd mijn naam vergeet te zeggen en niet to the point kan komen.

Ineens dacht ik eraan hoe fout de naam ‘antwoordapparaat’ eigenlijk is voor het desbetreffende apparaat. Als ik iemand opbel, is dat omdat ik een vraag heb. Dat komt er dan in sé op neer dat ik een antwoord verwacht. Ofwel zijn die mensen thuis, luisteren ze naar mijn vraag, en krijg ik mijn antwoord. Ofwel zijn ze niet thuis, en dan krijg ik het antwoordapparaat aan de lijn. Een mens zou dan toch verwachten dat het antwoordapparaat dan de vraag zal beantwoorden, aangezien het een antwoordapparaat is, maar neen hoor. Niets. Ik mag hoogstens blij zijn dat ik mijn vraag mag stellen.

U denkt misschien van “ah neen, dat machien geeft het antwoord dat die mensen niet thuis zijn”. Maar fout! Dan is dat geen antwoord, want er is geen vraag (tenzij ik zou bellen om te weten of ze thuis zijn, maar dan is het zelfs onbeleefd om al te antwoorden vóór de vraag wordt gesteld). Dus eigenlijk hebben we het over een automatisch mededelingsmachine.

Nachtelijke heldere momenten zijn bij mij zeer zeldzaam. En misschien maar goed ook.

Salukes

Wij zijn heel gewone mensen met heel gewone manieren. Als wij ergens vertrekken zeggen wij nog een beleefde ‘saluuu!’ en wij gaan voort. De dochter had al heel snel ‘dada’ ingeruild voor ‘saluuuu!’ want zijn bleek ook een heel gewoon mens(je). Maar een paar maand geleden riep ze ineens :”salukes!”.

???? Waar heeft ze dat vandaan? Krijgt onze dochter kapsones? Een gestemadam?

Iedereen vond het supergrappig, dat kleine spook met haar ‘salukes’. En iedereen deed algauw ook van ‘salukes’ tegen Marie. En wij, gewonen mensen, leerden leven met de vreemde kronkel van de dochter.

En gisteren, toen we afscheid namen van opa en oma en tante, riep iedereen nog eens “salukes”. Marie stak haar arm op. Zwaaien blijkt intussen voor seuten. Stoere grieten steken dus hun arm op gelijk de echte. En toen zei ze het: ” baaibaai!”.

O help. Van waar haalt ze dàt nu? “Baaibaai!”.  ’t kind gaat nog niet naar school, kijkt niet hele dagen naar tv, en wordt heel gewoontjes opgevoed. Wat wordt het volgende? Toedeloe?

Diepzinnige conversatie

Leuk als ze wat groter worden, en je al eens een goed gesprek kan hebben.

Vanmorgen in de auto:

Marie: Hoe komt da, mama?

Ikke: Hoe komt wat Marie?

Marie: Hoe komt da nu?

Ikke: Marie, ik weet niet waar je het over hebt. Hoe komt wàt? Wat heb je gezien?

Marie: ik weetet nie, mama!

Ikke: ik weet het ook niet hoor.

Marie: ikke ook nie.

Pietjepoe!!!

Waar houdt een mens zich zoal mee bezig in de laatste 6 weken (het zullen er wel weer 7 zijn…) van zijn thuiszittend zwanger leven. Bloggen? Nauwelijks. Ik mag niet van de dochter, die wil filmpjes van Kaatje en Bumba. Facebookspelletjes? Veel te veel, maar enkel die die niet lang duren en niet moeilijk zijn, want het hoofd wil niet altijd mee. Kuisen en opruimen? Veel te veel als je kijkt naar de staat van het lijf, veel te weinig als je kijkt naar de staat van het huis. Naaien? Beperkt tot max 1 u per dag, omdat we de vestjesstress nog lang niet vergeten zijn, en ook omdat de dochter die naaiattributen zo interessant vindt.

Gelukkig (en dat bedoel ik niet slecht) zijn er die twee crechedagen in de week, waarin een mens eens ten volle zijn goesting kan doen, zonder continu onderbroken te worden om op te ruimen, genezende zoentjes te geven en op te ruimen en speelgoed van onder de kasten en zetels te halen en ballen te zoeken en Kaatje voor te lezen en liedjes te zingen en te reclameren dat ze enkel op papier mag tekenen, niet op haar stoel mag staan, en al zeker er niet vanaf mag springen in haar zetel, en dat ze niet mag koprollen over de zetelleuning en voorzichter moet schommelen op haar schommelpaard nu moeder schrik heeft gekregen omdat opa gezegd heeft dat ze eens op haar rug zal liggen met paard en al.

Vandaag is dus een crechedag, dus blog ik eens. Helaas over de afwezige dochter. Want ik heb de foto’s bekeken van toen ze pasgeboren was, tot nu. (met de tranen in mijn ogen, waar gaan we dat schrijven,er zijn van die momenten dat een mens zichzelf niet meer herkent, sjans dat ik het op de hormonen kan steken). Enfin, ik bedacht ineens, dat ze al zoveel kan, dat we er al zoveel mee meegemaakt hebben, en als we het niet opschrijven, dat we dreigen om het allemaal te vergeten, zeker met een tweede kleintje op komst. Dus dacht ik, laten we haar getater eens inventariseren.

het eerste is letterlijk wat ze zegt, het tweede is wat ze ermee bedoelt, en soms staat daarna hoe moeder hier wil dat het evolueert.

- ee mek, da sjopojaatje : eerst melk, dan chocomelk; Mama, als ik maar zo weinig chocomelk krijg, laat het dan maar zo hoor.

- Ja, JA, JAJAJAJAJAJAAJAAAAAA!!!!!!!!!!!: Yes, papa krijgt warm eten, als ik hard en enthousiast genoeg roep, dan is de helft voor mij, ook al heb ik al mijn avondboterhammen op; Smakelijk papa, en hou het maar allemaal voor jezelf, neen ik hoef niet op je schoot, ik heb al gegeten, en jij hebt hard gewerkt!

- ee pipi toen!: eerst pipi doen; mama, ik respecteer je privacy in de badkamer, ik hou me wel even alleen bezig.

- omee, omee, omeeeeeeee, whaaaaaaaaaaa!!!: kom mee mama, en wel nu direct!; Moeder, gij luie taart, ligt ge daar weeral in uwen zetel met uwen dikken buik, komt naar hier! (klinkt waarschijnlijk een beetje raar, maar dan zou ik tenminste kunnen weerstaan aan dat lieve stemmetje, en dat schattige vingertje waarmee ze me wenkt, en dan zou ik met een kwaaie blik haar de mond kunnen snoeren en blijven liggen of zitten)

- Waaaauw!!!: kijk daar! een motor!; Opa, wat leer je mij toch rare dingen!

- ni kaka:  ik heb kaka gedaan maar wil geen verse pamper aan; Moeder, geef mij eens een verse pamper en vochtige doekjes, ik ververs mijzelf wel, in plaats van altijd weg te lopen.

- tee tee tee tee tee: één twee drie vier vijf;

- poepe ese: op je poep zitten en een boek lezen

- akai! akai! akai! ooooo!: (refrein van I think I like it, van Fake Blood); laat ons zeggen dat haar engels nog niet echt op punt staat.

-WHAAAAAAAA!!!!WHAAAAAAA!!!! (x5): (doet de hatelijke reclame van MNM na, met die vier schreeuwende trienen); mama, wat een irritante reclame met die gillende wijven, zet de tv maar af! (en ik ga niet meer gillen, zodat we de deurbel horen en het bezoek niet op het raam moet kloppen om onze aandacht te trekken)

- ei, mama, ei! : mama, ik heb weer iets heel vuil gedaan.; je moet niet direct een vod gaan halen, ik kuis het zelf wel op.

- Oen! tuutuut! doo-jij-je!!!: Tis groen!  doorrijden!!!  en natuurlijk ook Too, toppe! ( rood, stoppen)

- Pietjepoe! : Kiekeboe!

- Beetjeu beetjeuh!: nog een beetje, tis lekker!

Voila, dat vergeten we ook niet meer.  En nu weer wat facebookspellekes spelen :-D

Ik ben al groot

- 5 tomaten, 2 komkommers, een zak patatten, een kleine zak ajuinen en een kilo wortelen

- dus 5 tomaatjes, 2 komkommerkes, een zakske patatjes, een zakske ajuintjes en een kilo wortelkes…

- (grom) dat is alles

- Dat is dan 12 eurootjes en 56 centjes alstublieft

- (grom alweer en betaal)

- Voilà zie, hier nog 44 centjes en uw groentjes! Ah, en vergeet uw ticketje niet!

Veel mensen zullen hier geen graten in zien maar AAAaaaargh!!! GROENTJES!!! Ik HAAT dat woord!!! Dan krijg ik zin om  hun groentjes op de grond te keilen! Dat woord bestáát niet eens! Ik heb het opgezocht in de vandale: staat er niet in.

Zijn de groenten nu kleiner dan een paar jaar geleden? Of is de groentenverkoper gewoon voorzienig en weet hij al dat de groenten zullen krimpen in de pot? Zeggen de hollanders ook groentjes? Of vinden ze dat betuttelend?

Ik vind dat zeer betuttelend. Ik hou niet van verkleinwoorden en ik gebruik ze nauwelijks. Dus wie bij mij komt eten: We eten patatten (in een zotte bui mogen het al eens batatten zijn), en groenten. En slechts 2 uitzonderingen: kerstomaatjes en preitjes (op mijn dijtjes).



Volg

Get every new post delivered to your Inbox.

Join 26 other followers