Een mens heeft zo van die momenten dat hij of zij een beetje opgefokt loopt. Het kunnen ook lange momenten zijn, wij noemen dat periodes. Ik geloof dat ik nu in zo een periode zit. Ik weet wanneer het begonnen is, en ik weet zelfs wanneer het zal eindigen. Denk ik.
t’ Is een school hier niet zo ver van. Net in de bebouwde kom, dus zone 50. Behalve als de school net uit is of net begint, of rond de middag, dan gaat het verkeersbord ‘30 km/h’ aan. Overlaatst had ik een woordenloze maar gebarenvolle aanvaring met een schoolbuurtbewoonster die collèrig drie vingers opstak toen ik aan 50 haar oprit voorbij reed. Ik doe geen gemene gebaren, dus heb ik wat vriendelijke gebaren gemaakt die er haar op moesten wijzen dat ze eens haar ogen moest opentrekken, dan zou ze zien dat het bord 30km/h pas voorbij haar oprit staat. Kijk, dan schiet er bij mij iets in gang, en krijg dat nog maar eens uit. Iedere keer als ik daar passeer, krijg ik een woeste uitdrukking, en maak ik dat ik daar zeker 50 rijd.
Nu heeft de politie daar zo een karretje gezet dat aangeeft hoeveel te snel je rijdt. Het staat ingesteld op 30km/h. En vanbinnen bij mij begint het weer te koken hé. Elke keer als ik daar passeer, en dat is zelden tijdens de ‘30-uren’ berispt dat bord mij dat ik een zware overtreding bega, omdat ik 50 rijd. Zot kom ik daar van. Ik jaag mij daar al 2 km voordien in op, en het gaat pas over achter een km of drie.
En nu wacht ik. Op de politie. Tot ze mij tegenhouden. Ik heb zoooo verschrikkelijk goesting om ruzie te maken met de politie over dat bord. Het wordt tijd dat ze daar staan, want de teergeliefde gaat met mijn gezaag en gedram niet blijven lachen… Waar is de politie als je ze nodig hebt?
De aandachtige lezer sprak: