Archief voor de categorie 'fiësta!'

Tis van moetens

Het was een vreselijk twijfelgeval. Eigenlijk was de beslissing al gemaakt. Voor 2011 had ik maar één voornemen en dat was dat ik géén voornemens zou maken. Ik ben geen slecht mens, ik doe anderen geen kwaad, ik steel niet, dood niet, geef geen ergernis, doe nooit wat onkuisheid is … allé, het is niet de bedoeling dat ik hier de tien geboden ga opsommen maar ik doe mijn best om een goed mens te zijn, het lukt niet altijd maar dat moet volgens mij ook niet. Moet het dan ècht om nog voornemens te maken?

En toen las ik dit  (en zij zag het hier)en juichte ik van “Jaaaaaaa!!!! Wat een goed ideeeeeeee!!!!”. Maar niet gemakkelijk als je geen voornemens plant en vindt dat je redenering hebt waar geen speld tussen te krijgen is. Twijfel dus. En na veel nadenken en zoeken en dan ineens mijn ogen open te doen en thuis eens goed rond mij te kijken, kreeg ik er warempel toch wel een speld tussen zeker!!! (tussen mijn waterdichte redenering dus).

De voornemens dus (twas een makkie)

1. In 2011 ga ik zorg dragen voor mijn kleren. Ik hoorde onlangs een bespreking van een onderzoek naar de meest gehate huishoudelijke taak bij vrouwen (jawel, bij vrouwen) en op nummer één stond een taak waar ikzelf nooit aan zou denken om dàt een huishoudelijk taak te noemen. En toen begreep ik waarom: ik haat dat werkje zo erg dat ik het uit mijn lijst ‘huishoudelijke taken’ verbannen heb. Hoe erg hààt U het om de propere was weer in de kast te leggen? Dààr ga ik nu eens iets aan doen. Toen de teergeliefde en ik nog jonk en onbezonnen waren en een kleerkast ineen moesten steken hebben wij die borstels verkeerd geplakt, waardoor de deur nu verschrikkelijk sleept en een onaangenaam geluid maakt bij elke poging om ze open te krijgen. Elk onaangenaam geluid is voor mij voldoende om afstand te nemen. Dit jaar gaat de teergeliefde de deur van de kast halen, ga ik die borstel eraf prutsen en ga ik mijn kleerkast weer vullen. En elke keer weer opnieuw opvullen. Geen stapels kleren meer in de slaapkamer. En ik ga herademen.  (ik vind dit neerschrijven een ongelofelijke prestatie van mijzelf, want het is iets waar ik mij dieper dan diep voor schaam)

2. Ik ga meer kleren kopen voor mijzelf (en die netjes in de kast leggen natuurlijk). Ik weet dat kinderen kleren nodig hebben, maar vergeet daarbij dat mama’s ook kleren nodig hebben. Ik hou niet van pashokjes, en al helemaal niet als er intussen iemand buiten dat hokje op mij staat te wachten. Ik ken mijn maat niet en geloof nooit dat de maat die mij aangeboden wordt míjn maat is (wat het eigenlijk altijd wel is). Ondergoed is nog wel het ergste. In 2011 gaat de inhoud van de ondergoedlade integraal de vuilbak in. Het kan niet meer zijn. In een lingeriewinkel lijkt al het ondergoed op mij af te komen, een eigenschap waar veel mannen mij om benijden, maar ik word er gek van. Maar ik ga het weerstaan en ik ga passen en kopen. Echt.

3. 2011 wordt het jaar dat ik afstap van zowel mij winterslagzin (vrouwen hebben recht op een wintervacht) als mijn zomerslagzin (mijn benen lijken bruiner als er haar op staat) en ik ga trouw het haar van mijn benen doen. En ik ga niet zoals gewoonlijk in zeven haasten de helft van mijn beenhuid mee te verwijderen. Neen, vanaf nu ga ik daar tijd voor nemen (ik geloof dat ik de hulp van een babysit ga nodig hebben maar dat moet dan maar).

Ik geloof dat het thema hier ijdelheid is, maar dat mag ook wel eens. Na dit allemaal te lezen denkt u misschien: “ocharme die teergeliefde”, maar de teergeliefde is ver-ziend, dus het geeft niet.

Misschien dan nog ééntje om het af te leren.

4. Ik ga een poging doen om los te laten. Niet op die manier dat het water langs mijn (gladde) billen stroomt, maar wel op die manier dat ik niet meer hele dagen gelijk een gestresseerd kieken rondcross. Ik ga proberen om te geloven dat dingen ook goed kunnen gebeuren als iemand anders dan ik ze uitgevoerd heb. En ik geloof dat deze nog de zwaarste opdracht van de vier is.

Voilà, méér dan mijn best gedaan. Nu nog gewoon een beetje uitvoeren, en klaar is kees.

Secret Santa!!!

Aangekomen, en in tegenstelling tot vorig jaar heb ik het meteen opengedaan ipv de gulle schenker angstaanvallen te bezorgen door niet te laten weten dat het aangekomen was.

En kijk eens wat er in zat :

Heel erg bedankt Pimpajoentje! Ben superblij met de spiegel, ik wou ook wel eens zien hoe die Moeferkoe er nu eigenlijk uitziet ;-) . De magneetjes komen geweldig van pas met het schoolgaande leven dat hier binnenkort start, en dan een kaartje waar je je mee kan wassen?!! Nog nooit van gehoord, maar ik probeer het zeker uit.

Amai dat is toch weer spannend! En nu nog afwachten tegen dat mijn secretsantacadeautje ter plaatse is…

Kome neten

Het begon bij de apothekeres. Normaal gezien is zij de vriendelijkheid zelve, maar vanmorgen leek ze mij te mijden. Ze keek me nooit recht in de ogen en leek zo weinig mogelijk te tegen mij te willen zeggen. Daarna moest ik naar de post. Ik ken die deur daar al goed. Het is een zware, dus een aanloopje om ze te openen is wel terecht. Krak. (niet de deur, maar wel mijn gewrichten). Gesloten. Ze moeten het geroken hebben. En daarna naar de Fun. Ik was er gisteren ook, niet wetende dat de sint er was, (horror) en aan de kassa begon ik erover tegen de jongen die mij bediende. ” Bwa, druk hé… bedankt.” En ik mocht gaan.

In de auto werd het mij duidelijk, de lookgeur maakte normale conversaties onmogelijk. Het is tijd voor een evaluatie van de vorige avond.

Voor sfeer en gezelligheid krijgt Elke een welverdiende dikke 11! (een dikke wollen randbeschermer rond de salontafel had geen overbodige luxe geweest, dit heeft haar een punt kunnen kosten maar gelukkig kan ze immens snel lopen en stond ze daar direct met een coldpack en blijft het bij een blauwe streep op Marie’s voorhoofd wat haar dan weer twee punten opleverde waardoor nu die vreemde score van 11 op 10). We werden bijzonder warm onthaald ondanks dat we het verbod negeerden van vóór zes uur aan te komen én een ziek kind mee hadden (hier krijgt ze het voordeel van de twijfel, want waarschijnlijk staat haar horloge fout, en tevens vroegen wij ons af of we de zieke Léon ook hadden mogen meebrengen mocht hij niet zo adembenemend knap zijn). Verder stelde ze zomaar haar infrastructuur ter beschikking om de drie kleintjes te slapen te leggen en mochten we uit haar mooiste glazen drinken!

Wat het eten betreft ging het hier om een groepswerk. En er viel veel van te zeggen!

De aperitiefhapjes: De wet op de kinderarbeid dient dringend herbekeken te worden. Als kinderen zo’n lekkere hapjes kunnen maken, moet dat uitgebuit kunnen worden! Ook heb ik voor de eerste keer gevulde champignons gegeten, bijzonder lekker, maar ik bleef achteraf wel met de vraag zitten wat er nu van de steeltjes gekomen is.

De soep: We weten al langer dat Nes met een keukenprins onder één dak leeft, en het is altijd leuk om daar van te mogen meegenieten. Een roomsoep, maar met de volste room die je je kan indenken (wist hij te vertellen) en brokjes (heb ik zelf gezien). Ik denk niet dat er nog veel over was…

Het hoofdgerecht: Het vreemdste stoofpotje dat ik ooit gezien heb. Elke beschikt duidelijk over een analytische geest en koos er erg slim voor om alle ingrediënten afzonderlijk klaar te maken, niet in een pot en niet gestoofd. Verbazing alom, maar het werkte! Een gerechtje dat blijft hangen ( waarvoor ook dank aan de lookleverancier)

Het dessert: Daarvoor mocht het object van liefde van Tromboone eens tonen wat ze waard is. Alweer een verrassing! Het werd warempel een CBFKACM! (voor de leken: ChocoBetonFormerlyKnownAsChocoMousse). Noir de noir, het lief werd dus vollenbak goedgekeurd.

Wijzelf waren van dienst voor de aangepaste drank, de teergeliefde zijn terrein, en ook weinig klachten op dat vlak.

Voor het hele menu een welverdiende dikke 10!

Het was de vierde editie, en wederom was het een succes. Bloggen kan bijzonder geestig en lekker zijn.

Waar voor je geld, Sjoerd!

Piraten zijn hard. Keihard. Geen krimp geven ze. Nog niet eens knipperen met de ogen. Niks. Gelijk wat er gebeurt.

Wij kunnen dat weten want wij waren zondagnamiddag op de genste feesten. En daar zat hij. Piraat Sjoerd. 9 jaar. Daar zat hij op zijn piratenkist als een standbeeld zo stil. En op zijn piratenkist stond ‘Piraat Sjoerd, 9 jaar ‘. Aja, anders zouden wij dat niet geweten hebben hé.

Het kleine mimespelertje had voor zich een mandje met al redelijk wat geld in staan. Wij wilden daar wel graag wat geld bijgooien, dus gaven wij Marie wat munten om in het mandje te gooien. Eerst wou ze het aan het jonge meisje geven naast haar, maar toen ook zij zei dat ze het in het mandje moest gooien, gooide ze het er toch in.

En toen bewoog hij. Hij reikte zijn hand uit naar haar. Marie aarzelde en gaf hem een voorzichtig handje. (ik heb dat liefst zo voorzichtig want blijft toch dat het een piraat met een haak is hé). En toen was het gedaan. Hij bewoog weer niet meer.

Enkele seconden later hebben wij het gezien. Dat het publiek zacht is, soft. En de piraat hard is. Keihard. Geeft geen krimp. Zelfs niet als een tweejarige op dat moment beslist dat ze geen waar voor haar geld kreeg, en haar hand weer in het mandje steekt om haar geld er weer uit te halen.

Het publiek ging van oooh! en Oeeeeeh! en van Neeeee! (en wij ook, zijt maar zeker!). Maar kleine Sjoerd? Die moet met zijn 9 jaren in een serieuze tweestrijd gezeten hebben, maar hij gaf geen krimp.

Dat vonden wij pas ‘waar voor je geld’!  Dat kereltje gaat het nog ver brengen!

Vaderdag

Papa, mama vindt jou een lekkere man
Ik wou het ook wel eens weten
Ik heb je toen eens ferm gebeten
Lekkere man? Ik snap nog steeds niet hoe dat kan?
‘k Herinner mij enkel jouw pijnlijke kreten

 

Papa toch iets wat je nog moet leren
Knuffelen en zoentjes geven vinden wij erg fijn
maar eigenlijk ben ik nog een beetje klein
Je mag je dus gerust wat vaker scheren
want stoppels op kindervel, dat doet soms pijn

 

Papa, je bent de liefste papa die ik ken
ik wil je als papa alle dagen van mijn leven
(maar ik maak het je nog lastig, begin nu niet te zweven)
vandaag is een dag dat ik je verwen
Ik wens dat wij er zo nog veel mogen beleven

 

Marie (met de hulp van Léon)

Ziehier een communiezieltje

Ik kreeg het stokje toegeworpen van Tess en Lieve, zeker omwille van de vrome praat die hier met regelmaat op mijn blog verschijnt. Hier moest volgens hen wel een zuiver communiezieltje achter schuilen.

En inderdaad. Zo zuiver en rein zoals u gewoon bent mij te ervaren, zo zuiver en rein zijn de foto’s die ik mits heel wat godslasterlijke uitroepen toch gescand heb gekregen. Communiefoto’s en nog enkele andere, omdat ik katholiek en vrijgevig ben (vandaag toch).

Toen ik nog geen ‘neen’ kon zeggen, staken ze poppen en bloemen in mijn handen en trokken ze foto’s.

En toen ik ‘neen’ kon zeggen gaven ze me een zus.

En dan nog een broer. Tromboone, u welbekend, toen nog een zwartharige god ipv de blonde die hij nu is.

En toen ik ‘amen’ kon zeggen, deed ik mijn eerste communie. Het klonk wel een beetje als ‘awen’ want zoals de beelden tonen had god mij van een paar schone konijnetanden voorzien. En leve de kinders van de uniformscholen, want die kregen TWEE nieuwe tenue’s. Eén in blauw en wit en één in kleur voor ‘t feest ! (voor zover we roze een kleur kunnen noemen natuurlijk)

En toen ik ‘weeral’ kon zeggen, deed ik mijn plechtige communie. Dat klonk toen niet als ‘wee-al’ omdat mijn tanden toen al met de grove middelen rechtgetrokken waren. En onzen Trom deed toen zijn eerste communie. Toen was hij wel al een blonde god. Een kleintje toch.

 Dan kwam het moment dat ik, mijn zus en mijn broer er een beetje genoeg van hadden om hele dagen mekaar af te kloppen. En toen kregen we nòg een zus. En daar hebben we niet op geslagen. En een foto krijg je er niet van, want ze heeft een vlotte pen (net zoals die andere trouwens) dus moet ze zelf maar met een blog beginnen en er foto’s op zetten.

Doet er mij trouwens aan denken. Worden poézie’s nog altijd als communiecadeau  gegeven of bestaat dat niet meer?

Bloemen noch kransen

Jawel, ze zijn toch weer mooi in de watten gelegd, de mama en schoonmama. Met een mooi boeket bloemen. Ze kunnen er weer een jaar tegenaan. ‘t Is te zeggen, tot aan hun verjaardag of zo…

Voor mij was het de tweede moederdag. De eerste was vorig jaar, en toen had ik één kind. De tweede is dit jaar, en nu heb ik twee kinderen. En ik zie graag kinders, en veel kinders, maar toch hoop ik dat de trend zich niet voortzet. Volgend jaar drie kinders, dat zie ik echt niet zitten.

Niet dat die dagen hier zo spectaculair verlopen hoor… Net zoals haar verjaardag is moederdag hier ook zo’n dag dat moeder zichzelf beter in de bloemetjes zet. Ge kunt het niet allemaal hebben zeker…

Eigenlijk had ik het allemaal wel wat voorzien. Die mooie papieren krans die ik van Marie kreeg, of beter gezegd, NIET kreeg, heb ik op een onbewaakt moment weggestoken. En ik zal hem dragen zolang ze hem niet weer opeist.

En vorige week bestelde ik voor mijzelf een mooie krans, ter compensatie van al die schitterende grammen die ik mijn zoon laat bijkomen ten koste van mijn eigen gewicht (en érg dat ik dat vind :D ). En ik content toen ik vanmorgen een pakje in mijn brievenbus vond! Eindelijk een krans voor moeder!

Ik maakte het doosje voorzichtig open, tilde de ene helft uit het doosje, en…
Daar kwam Marie afgevlogen… Snok!!! Sneller dan haar schaduw had ze het kettinkje uit het doosje getrokken… Kapot natuurlijk… Ik had het nog niet eens aan kunnen doen.

Bloemen noch kransen voor moederdag.

En als je het op de letter bekijkt, zelfs geen moederdag. Want ik heb geen enkel kind dat mij mama noemt. De kleinsten is nog te klein, en de grootste die zegt sinds een paar dagen al geen mama meer. Ze zegt Vajejie.

En ik zucht. En begin weer met volle moed te moederen.

Hoogdagen

Het is weer gepasseerd, één van de leukste feesten van het jaar! Als je als kind opgegroeid bent naast een snoepwinkel, dan weet je wel welke de goeie feesten zijn hoor! En welke de goeie eieren zijn. Marie mocht dit jaar voor de eerste keer paaseieren zoeken, dus het allerbeste was alleen goed genoeg. Paaseieren van Renard dus, want die hebben een strikje en er zitten vanbinnen snoepbolletjes in. Alleen jammer dat ik de zak per ongeluk tegen de deur geslagen heb, maar gelukkig was er maar één gebroken.

Het zoeken ging fantastisch goed! De dochter deed dat volgens het boekje: eerst zoeken, dan vinden, dan aan het ei likken, en dan pas in de pot leggen. Moeder en vader deden dat ook volgens het boekje: daarna dus de pot schoon langs de kant op het aanrecht zetten, en niet gulzig alles metteen opeten. Volgend jaar kopen we wel een ander boek, want van dat eierlikken van de dochter zijn we niet zo heel content, en dan was er nog het fenomeen van de halve paaseieren. Het was raar vanmorgen. Eerst dacht ik dat de teergeliefde van elk ei de helft had opgegeten. Hij doet wel vaker rare dingen met eten, maar dat was wel zeer vreemd. En toen ik er een helft wou uitnemen, kwam de pot mee naar ophoog. Raar gevoel hoor. Blijkt dus dat als je een pot chocolade-eieren op het aanrecht zet, dat je die echt gelijk waar mag zetten, behalve boven de vaatwasmasjien die je net hebt aangelegd. En zo leren wij alle dagen bij… :D

En dan was gisteren ook nog zo’n leuke verrassing, want ze noemen dat paasmaandag, ofte niet-werkendag. En wat kan je op zo’n mooie goed-weer-en-niet-werken-dag beter gaan doen dan eens naar de brielmeersen gaan om de ooievaars te gaan uitdagen! Wijs jong!

En klepperen dat ze deden, die beesten. Hà!

En daarna naar de kermis met de dochter. Voor de eerste keer eendjes vissen. Zenuwslopend vonden wij dat. Niet omdat dochterlief dat niet zou kunnen of zo, maar wel omwille van haar techniek. De regels zijn volgens haar dus dat er niet geholpen word, en dat als je vijftien eendjes mag vangen, je ze vanaf dertien weer in het water begint te smijten. In mijnen tijd was dat dus anders.

Daarna naar de kindermolen. Ook de eerste keer. Bezorgde ouders gelijk we zijn, zijn we erg bekommerd om de veiligheid, dus gingen we voor een veilig voortuig gaan (want het verkeer is ook niet meer gelijk in onzen jongen tijd) en ging de papa meegaan. Volledig volgens plan Marie in een tank gezet en daar zat ze dan, een mitraillette in elke hand. Papa is niet mee moeten gaan. Dochter vond het veilig genoeg en ging alleen. En wijs dat ze dat vond! Zó wijs, dat één ritje twee ritjes werden, en dat daarna een bleitconcert volgde tot thuis op de oprit.

Tzijn echt hoogdagen geweest. De planning is nu om deze week nog niet te bevallen, want dit weekend staat de kermis hier bij ons op het dorp, en bleitconcerten, dat horen wij toch zo graag…

Rare dagen

Tzijn rare dagen. Vandaag toch.

Om te beginnen is het verzenderkesdag. Ze hebben mij al goed liggen gehad zenne! De ongeboren heeft mij vannacht vier keer naar de wc gezonden voor zo goed als niks. Was dat lachen! Hopelijk stuurt het kind mij vandaag niet voor niks nog naar een andere plaats ook, want ik wil daar niet bekend staan als een flauwe plezante. Wie gaat mij dan nog geloven het moment dat het echt in gang schiet.

Dat is ook nog zo iets. Dat het nog maar een dertien dagen meer is tegen de uitgerekende datum. Zelfs voor een moeferkoe is de grens van het uitstellen nu overschreden. Daarmee heb ik gisteren het park naar beneden gehaald en aangekleed. Pff… Dat onding weer in mijne living. De bedoeling was om de dochter hier duidelijk te maken dat er weldegelijk een baby op komst is en dat die plaats zal opeisen. Helaas. Ze snapt het nog altijd niet. Gisteravond wou ze niet in haar bed slapen, maar wou ze dat we haar deken gingen halen zodat ze in het park kon slapen. Het zal een moeilijke bevalling worden geloof ik, om haar te laten aanpassen aan de nieuwe situatie. Vanmiddag ga ik ook nog eens zoiets doen als ‘mijne zak maken’ (als ik er zin in heb). Het lijkt allemaal zo overdreven. Ik heb eerst vijf maand in panne gelegen van de oververmoeidheid, en nu weet ik met mijzelf geen blijf van de energie. Nergens last van. En dan moet ik geloven dat het echt bijna zover is?

En dan ten derde start vandaag de derde jaargang van mijn blog! Al twee jaar gepasseerd. Wie start er nu een blog op de eerste april? Geen kat die er iets van geloofde. Maar kijk, we zijn er nog. En hoe!

Ulder kleinste slaapt al goed door!

Maandagavond hadden we een etentje met de badtminton (na 4 jaar kan ik dat woord nog altijd niet schrijven) dus we hadden een babysit van doen. Na een ingewikkelde constructie met moeder en broer in de hoofdrol, is hier ineens de frank gevallen dat het vakantie is voor de kleine zus (14 j intussen, dus al vrij babysit-rijp). Wreed gemakkelijk, ze blijft slapen, en de volgende dag breng ik haar weer naar huis.

Een vree wijs etentje, ook heel lekker en ook heel heel lekker want het dessert was één en al chocola, en W. die naast mij zat lust dat niet. Tegen middernacht zaten we in ons bed, evenals onze babysit die bleef slapen en Marie (die er al lang in lag natuurlijk). Mijn zus sliep bij Marie, wat normaal gezien wel moet lukken.

Wat ik echter vreesde is gebeurd. Niet gewoon zoals de andere nachten, maar deze keer in het kwadraat! Slaapkamerfeestje! Het begon om kwart na drie: ” Ajjooo… ja… Jaaaa!… jaaaaaa…”, na het telefoonspel kwamen de liedjes: ” lalaaaalallallallaaaallaalalalalala…”, daarna diverse onverstaanbare vertellementen met veel gegil en gelach.

Normaal gezien word ik daar van wakker maar sta ik daar zeker niet voor op.We kennen dit stramien nog van toen ze nog onder de noemer ‘baby’ viel. Ze valt na een half uur gewoon weer in slaap, en daarmee is de kous af! Maandagnacht dus niet. Ik lag daar in mijn bed geambeteerd tot en met, niet wetend wat ik met mijn zus moest doen. In de andere kamer laten slapen? Beneden in de zetel laten slapen? Zo laten? Ben drie keer bij Marie geweest om haar weer neer te leggen en te zeggen dat ze moest slapen. Maar geen avance, ze heeft gefeest tot ongeveer twintig voor vijf. Ik weet dat want ik lag ernaar te luisteren.

‘s Morgens om half negen was Marie weer wakker, ik daar naar toe: “Awel madam! Feestje gehouden vannacht?” En Marie, wijzend naar het grote bed: “Tante! Tante! Tante! (x4)” . Een warrige krullebol steeg boven de lakens uit, en ik mij direct verontschuldigen voor het lawaai deze nacht, en hoe ik niet wist wat ik moest doen, want het was niet duidelijk of ze sliep of wakker was, en dat we de volgende keer die andere kamer in orde gaan brengen, en … (als ik wakker ben, ben ik wel echt wakker)…

En het enigste dat dat warhoofd uitbracht was: “huh? Ben just wakker… ik weet van niets…”

Wat een opluchting als je ze dan ‘s morgens terug naar huis kan brengen bij je ouders met de woorden: (zie titel)



Volg

Get every new post delivered to your Inbox.

Join 26 other followers