Archief voor mei 2009

De sponsor van de vriendschap – bis

En intussen is het drie uur.

Achter ons zijn ze een tuin aan het aanleggen met 2 grote machines

Naast ons zijn ze een huis aan het bouwen met veel grote machines

Voor ons zijn ze nieuwe wegmarkeringen aan het spuiten met stoere kerels en één grote machine.

En ik ben niet moe.

De sponsor van de vriendschap

Ze zijn er weer, de zes ongeliefde nachtdiensten. Mijn vorige periode nachten kwam ik op een gemiddelde van 5u slaap, en het ziet er ook deze keer niet goed uit. Ik ben weer aan het tellen geslagen. Eergisteren 5u slaap (wakker geworden van de buurman die zijn haag aan het scheren was), gisteren 8h (alleen thuis zijn wil nogal eens helpen) en dan vandaag. De vier volle uren.

Want om 12h ging de deurbel. Ge ziet da van hier natuurlijk dat ik uit mijn bed ga komen. Neen, ik ben zeer rustig gebleven, en heb godverdommemiljaardedju gevloekt dat het gene naam heeft, en mij elvendertig keer gedraaid, en mij afgevraagd waarom ik niet lag te zweten terwijl ze zo warm weer voorspeld hadden. En toen konden mijn hersenen er toch niet uit geraken wie in godsnaam er aan mijn deur gestaan had.

Toen hoorde ik gestommel beneden. Ik uit mijn bed, de slaapkamerdeur half open gedaan en erachter gaan staan. Een schim kwam naar boven en ging kamer na kamer binnen. Volgende kamer: mijn slaapkamer. Ik zette me schrap, en toen hij half in mijn kamer stond, keilde ik met een mega-klap de deur tegen zijn smoelwerk dat hij er niet goed van was. Zijn hand zat tussen de deur en het zag er niet goed uit. Ik heb de deur weer opengedaan, heb hem nog een paar trappen gegeven zodat hij snel (en kreunend) afdroop. Zijn pistool lag nog in de gang, maar ik ben nergens aangeweest (want ik kijk naar CSI) en heb de politie gebeld.

Tien minuten later zat ik in de rechtbank want de klootzak had mij aangeklaagd voor slagen en verwondingen, voor broodroof en voor werkonbekwaamheid. En ik pleiten! Dat het geen werk was dat ik mij niet mocht verdedigen, dat de bandieten meer rechten hebben dan ik. Dat die nachtdiensten al zo rottig zijn en dat hij maar beter had moeten weten dan mij in zulk een periode te komen lastig vallen.

Werd ik toch niet schuldig bevonden zeker?!! Maar ik ben in beroep gegaan.

Ik hààt het als mijn fantasie de bovenhand krijgt. Tegen dat ik uitgefantaseerd was, was het één uur. Klaarwakker, en ben dan maar opgestaan. Terwijl ik de post uit de brievenbus haalde kwam er een jongegast af met een map onder zijn arm. Of ik hier woonde, en dat hij van proximus was en wel even voor mij wilde nagaan of ik wel met het meest voordelige tarief belde.

Ik heb gezegd: “jongen, ik heb nachtdienst en ik kan niet meer slapen want ze hebben mij wakker gemaakt, en ik heb er echt geen zin in!” De jongen keek begrijpend (en schuldbewust) en is doorgegaan.

De sponsor van de vriendschap? Wat een lef van Proximus om zich zo te noemen! Niks waar er meer geld naar toe gaat bij de jongeren dan naar hun telefoon! Schone sponsor! En dan nog een verpleegkundige met nachtdienst uit haar bed bellen! Ik zweer het, mijn vriendschap met Proximus zal nog een heel tijdje op een laag pitje staan!

En heeft iemand een pilletje tegen de fantasie?

Hoe je een Marietje leert lopen

Ik weet nog goed hoe mijn zusje heeft leren lopen. Dat is omdat ik toen vijftien was. Daaruit besluit u best niet dat mijn zusje wreed laat was om te leren stappen, ze is gewoon wreed laat geboord. Maar goed, het was dus aan de rand van het zwembad op reis (ik weet het, wat een plaats om een kind te leren lopen), en het kind zette haar voorzichtige eerste stapjes van de mama naar de papa en omgekeerd. Vrij normaal allemaal.

Nu zitten wij hier met een dochter met toch al redelijke mobiele mogelijkheden, en ik betrapte haar al meermaals op het zetten van één handenvrije stap tussen tafel en zetel. Dus ik dacht: cultiveren, die handel! Maar zo simpel is dat niet.

Sommigen hebben geen idee waarom, anderen durven al eens te opperen dat het kind het karakter van haar moeder blijkt te hebben… In ieder geval is het zeer kenmerkend voor de vrucht van onze liefde om de eenvoudige opdracht :”kom ne keer bij mama” te beantwoorden met veel gekraai en plezier en een lichamelijke voortbeweging in exact de omgekeerde richting. Nog geen jaar, en ze doet al systematisch het tegengestelde van wat wij vragen.

De bovenstaande truc zou dus totaal geen effect hebben, ik kan zelfs meer zeggen, mochten wij zulks een manoever durven uithalen aan de rand van een zwembad, het kind zou garantie eerst leren zwemmen, en dan pas leren lopen.

Gelukkig heeft de vrucht van onze liefde nog andere passies. Eten bijvoorbeeld. En ik dacht: cultiveren, die handel! Dus ik gisteravond met een stukje peperkoek in de hand de dochter proberen lokken. En ja hoor! Drie stappen van vraatzucht in mijn richting! Deze morgen konden er voor een koekje zelfs vijf zelfstandige doch van gulzigheid gespeende stappen af! Pogingen zonder eten willen niet zo lukken.

Wat ons natuurlijk voor het volgende probleem stelt: als we voortdoen gelijk we bezig zijn, kunnen we haar rollen vóór ze echt goed alleen kan stappen. Maar ik denk dat ik het antwoord wel weet hoor… Kind met rust laten. Kweet het.

Koningin Angina

Ik had liever Kulderzipken gehad, een eenvoudige boerenjongen, of Prinses Prieeltje, met al haar zotheid. Zelfs koning Jozef had beter geweest dan Koningin Angina. Op Ketnet deed ze zich altijd voor als de ietwat naïeve bemiddelaarster, maar ik weet wel beter intussen.

Ze is hier al twee dagen op bezoek, vandaag de derde dag, en ik ben er echt niet goed van! Dat mens kan 2 stenen doen vechten. De derde wereldoorlog is bezig in mijn lijf. Barstende koppijn, een vervelende druk en gekriebel in mijn oor, een slechte smaak in mijn mond, koude rillingen afgewisseld met zweetbuien en last but oh so not least: keelpijn. ‘t Is maar dat het geen zicht is om je kwijl zomaar uit je mond te laten lopen op mijn leeftijd, maar anders zou ik nooit meer slikken!

Gisteren de namiddag vrij genomen om wat te kunnen uitzieken, en naar de dokter te gaan, maar eerst de zus gebeld om af te bellen voor de cursus van ’s avonds (betegelen) en dan mijn bed in. Oh ja, de boodschap ZIEK was duidelijk overgekomen bij de zus: om half 4 werd er aan de deur gebeld, en opnieuw gebeld. Deze zwetende ijsblok is dan maar in haar pyama geschoten om de deur open te maken : De zus. Ze had druiven willen meebrengen maar haar oog was op een bakske aardbeien gevallen dus kwam ze die dan maar afgeven. Ik eet graag aardbeien, maar koningin Angina moet er niet van weten, dus begrijp je dat ik niet extatisch was toen ik de zus en de aardbeien binnenliet. Maar goed, snel de elvendertigste dafalgan achter de kiezen geslagen, en het werd nog wel gezellig.

Sinds vanmorgen ben ik in het bezit van een duivels antibioticum, en ik verwacht er veel van want ik heb nog veel werk. Ik moet nog kuisen, wassen (2xper dag van kledij gewisseld wegens uitwringbaar nat), aardbeien eten voor ze slecht worden, en een doos vanilleijs gaan kopen, want aardbeien met ijs zijn toch net iets lekkerder.

Liefemamaksiejugraag

Jawel, mijn eerste moederkesdag zit erop.

Nu stelde deze mama zich de vraag: heeft een mama nog recht op een moederkesdag als zij op of rond moederdag zich genoodzaakt voelt om een hulplijn in te schakelen?

Gisteravond heeft deze mama het niet gedaan. Maar de twijfel was groot, want de vrucht van onze liefde was daarboven al meer dan een half uur nonstop concert aan het geven, daar zij niet akkoord was met het uur van slapengaan. Deze mama kreeg hulp van het zandmanneke, maar het had niet veel gescheeld. De telefoon lag heel dichtbij maar we hebben het gehaald.

Nog steeds moederkesdagwaardig.

Maar toen, deze namiddag overkwam deze mama een merkwaardige gebeurtenis die nog altijd een beetje pijn doet. Met boeket bloemen (voor de eigen mama) in de rechterhand aan de passagierszijde in de auto gekropen. Met mijn linkerhand bovenaan de autodeur proberen tegenhouden tot mijn benen ook konden meerijden. Maar de deur viel toch dicht.

En toen zat ik daar. Vast. Met mijn hele lijf in de auto, en enkel mijn helft van mijn hand er nog buiten. En op de een of andere manier verkeerde ik niet in de mogelijkheid om met mijn andere hand de deur weer open te maken. Er restte mij niet veel meer dan de hulp in te roepen van de teergeliefde. Meewarende blik.

En zo was de som snel gemaakt. Dit, samen met mijn schaamtelijk braakselincident van in het begin deze week, had ik natuurlijk al mijn bonuspunten voor deze moederkesdag verspeeld. Maar volgend jaar beter! Ik heb al slinkse plannetjes in mijn hoofd (moederkesdagwaardig natuurlijk).

Patat! Weeral van dat!

Ik was nog onder de indruk van mijn eerste moederdagcadeautje ooit (een bladwijzer met gedicht en foto, supermooi, merci aan de kribbe) en de geboorte van de kleine Henri (wat een prachtige naam!), was ik onderweg toen ineens: PATAT!

Fietser tegen mijn auto geknald. Ik doodongerust mijn auto langs de kant gezet en naar dat meisje gesneld (en al het volk errond). Ze stond alweer recht, alleen haar handen deden wat pijn, en haar fiets bleek al van voor de patat een wrak te zijn geweest. Ze was net als ik ferm geschrokken, maar toen ze in orde bleek, was ze er snel ook weer vandoor.

Ik terug naar mijn auto (ik had Marie er alleen in gelaten) en toen zag ik pas de schade. Achterbumper is een ramp, en een paar lange diepe krassen tegen de zijkant van mijn auto. En toen kon ik mij de haren wel uit mijn hoofd trekken. Ik had niks van gegevens van dat meisje. Na mijn zoveelste accident had ik alweer geen gegevens. Alweer de kosten voor mijn rekening.

Ik wil graag eens een vreselijk misverstand de wereld uit helpen: Het is niet omdat je in Gent woont en je op een fiets voortbeweegt, dat de verkeersregels van geen tel zijn. Bij mijn weten heeft de weggebruiker die zich OP de rotonde bevindt nog altijd voorrang.

Ik weet wat het is om fietser te zijn. Ik heb zelf lang genoeg Gent doorkruist op mijn plechtige communie-wieler. Drie keer ben ik tegen een openslaande autodeur geknald. (alle drie de keren was ik zo van mijn melk dat ik direct weer weg was en dus geen gegevens had – de pijn komt pas 10 minuten na de patat, als het adrenalinepeil weer zakt) Maar ik wordt gek van de Gentse fietsters. Naar het schijnt mag dat, met twee of drie naast elkaar rijden. Naar het schijnt is hoffelijkheid in het verkeer volkomen voorbijgestreefd. En naar het schijnt heeft de automobilist het altijd gedaan als de capriolen van de heilige fietser verkeerd aflopen.

En nu ga ik een afspraak maken met de garage en mijn spaarpot leegmaken.

A la guerre comme à la guerre

Het was vandaag weer moedertestdag. Je weet wel, die dag die ontwikkeld werd door buitenaardse krachten om het probleemoplossend vermogen van de ondergetekende te testen. Het zal een dubbeltje op zijn kant worden vrees ik. Ofwel zal de jury mij loven om mijn probleemoplossen vermogen, ofwel zullen ze mij buizen voor mijn onvoorzienigheid en schaamteloosheid.

De locatie voor de test was de plaatselijke supermarkt. Er is mij niemand opgevallen die als jurylid kon doorgaan, dus ik kan niet anders dan mijn eigenste moeder ervan verdachten in de deliberatiecommissie te zitten.

De probleemstelling was de volgende: Marie zat in het karretje en had een kanjer van een hoestbui, zo erg, dat ze er zelfs wat van overgegeven had. Wat doet een goede moeder (die vandaag nu het weer wat kouder is toch besliste om een kleedje te dragen en bijgevolg geen zakdoek bij heeft)?

Mogelijke oplossingen:

1. Je koopt een pak zakdoekjes

2. Je vraagt hulp aan een andere klant

3. Je keert je handtas om en vist het beste eruit om het boeltje op te kuisen

4. Je laat het zo, het zal wel opdrogen

5. Je begint te schreeuwen tegen je eerstgeboren, totdat die begint te wenen, je vangt de tranen op in je hand en giet het over de kotsplek.

Mijn oplossing:

Het was geen gemakkelijke keuze. Nummer 1 heb ik geprobeerd, maar ik vond de zakdoekjes niet (drie rayons afgecrosst en niet gevonden). Nummer 2 vond ik niet kunnen, ik kan een andere klant toch geen zakdoekje kots teruggeven? Nummer 4 ging niet want de vochtigheidsgraad in de supermarkt was te hoog. Het zou nooit opdrogen. Nummer 5 kon ook niet want ik ben niet zo handig, ik zou die tranen zeker morsen en dan zou ik nog meer moeten roepen.

Inderdaad, het is nummer 3 geworden. Het was een beetje een dubieuze oplossing. Het enige bruikbare in mijn handtas was een maandverband. En zo geschiedde.

Ik heb de (vermoedelijke) jury zien grinniken maar ik weet niet wat dit betekent. Ik denk dat ik de juiste oplossing heb gekozen, maar het hangt ervan af wanneer de proef gedaan was. Als het aan de kassa was, geen probleem, maar als het terug thuis was vrees ik er een beetje voor. Ik heb nog enorm gesukkeld om die kar op de parking te krijgen (met een buil op mijn scheenbeen ten gevolge).

Kan niet anders dan duimen. Geen nieuws is goed nieuws hebben ze me verteld.

verkneukelen

Kinderen en de supermarkt. Daar is al veel over geschreven. Kinderen die scènes maken, afkeurende blikken van de andere klanten… blablabla… allemaal al gezien en/of meegemaakt.

Ik ben niet beter dan een ander. Ik heb altijd mijn mening, meestal niet zo positief, maar bij momenten kan ik vanbinnen toch wreed veel leute hebben ook.Zoals vorige week, al was het een ander scenario dan mijn eerste zinnen hier laten uitschijnen, want het was eigenlijk een heel braaf kind.

Ik stond aan de kassa, ‘t is te zeggen, bijna aan de kassa, want voor mij een oud meetjen, dààrvoor een een kolos van een vrouw met een mannenkapsel die al de heeeeele tijd aan leuteren was over haar dochter, en dààrvoor een vrouw die maar al te blij was dat haar boodschappen net afgerekend waren want ze was het geleuter duidelijk meer dan beu.

En Kolos (gewoon om haar een naam te geven, ik heb in principe niks tegen kolossen van vrouwen, zelfs niet als ze een mannenkapsel hebben) de hele tijd roepen: ” Nataliatjen (geen commentaar) , niet aan de boekjes komen!” “Nataliatjen, pas op!” , “Nataliatjen, doe je mutje weer op uw hoofdjen”

Nataliatjen was, ik schat, twee of drie jaar oud, een braaf bleek (ik heb niks tegen bleek, want behalve gisteren en vandaag ook nog een beetje, ben ik dat ook altijd) kind met een lelijke wollen muts dat er vreemd genoeg erg gelukkig uit zag. Misschien bezat ze op die jonge leeftijd al de fantastische eigenschap van selectieve doofheid.

En toen riep Kolos: “Nataliatjen, pas op van het deurtjen, hé, het deurtjen gaat toe gaan! (NB: de deur was drie meter hoog, en Nataliatjen ongeveer een halve meter hoog, ‘het deurtjen’ ! Tssss…)

Het was het Ouw Meetjen voor mij duidelijk ook kotsbeu, en toen sprak meetjen deze magische woorden: “Os eur vi’ers dertussen zid’n zal ze ‘t wel gewaore wor’n”*

Ik kon het Ouw Meetjen wel kussen! (en ik ben geen kusser). Kolos niet. Die kon er niet mee lachen, heeft Nataliatjen bij de hand genomen, en is zonder woorden vertrokken. En ik kan mij vergissen, maar volgens mij kreeg Meetjen eerst nog een vette knipoog van Natalia. En ik heb mij verkneukeld!

(wat een mens niet allemaal moet vertellen om dat woord nog eens te kunnen gebruiken!)

* Voor de zuidvlamingen, de noordvlamingen, de westvlamingen en inwijkelingen: “als haar vingers ertussen zitten zal ze het wel gewaar worden”